|
Kady ontvangt ons in haar eigen woning. Zij is echtgenote van een
visser, moeder van twee dochters en grootmoeder van een aantal
kleinkinderen. We leggen uit wat het doel van onze komst. Zij zegt
dat zij het bijzonder waardeert dat we bij haar op bezoek komen voor
een gesprek. Kady heeft als 1e voorzitter een belangrijke ervaring
bij de CREC opgedaan en vooral vanuit die invalshoek kent ze Agro
Casa. Het gesprek (waarbij Lamine Diabang vertaalt) gaat vooral over
het belang van de CREC voor de bevolking van Abéné. Kady vindt de
bank aan de ene kant een moeilijk fenomeen: 'de voorziening is er,
maar omdat de mensen geen geld hebben, komt er nauwelijks iets van
sparen'. Aan de andere kant komt naar voren dat Kady (en in haar
kielzog meerdere vrouwen uit het dorp) 'toch wel nuttig gebruikmaken
van deze voorziening'.
Wat is het geval. Er zijn veel vrouwen die dagelijks hun
producten op de markt in het centrum van het dorp verkopen. Kady
heeft 23 van hen zover weten te krijgen dat ze allemaal dagelijks
een zelfde bedrag van hun opbrengst aan haar afstaan waarna zij het
bij de bank stort. Bij toerbeurt krijgen de vrouwen een uitkering
uit het gespaarde bedrag zodat ze eens in de zoveel tijd iets extra
kunnen doen. Vroeger was dat heel anders. Het verdiende geld werd
direct uitgegeven. Men leefde bij de dag. De vrouwen vinden deze
nieuwe opzet een geweldige verbetering in hun toch moeilijke
bestaan.
Het is duidelijk dat Kady op de praatstoel zit. Ze vertelt
enthousiast dat ze gelijksoortige plannen heeft voor andere
vrouwengroepen. Bijvoorbeeld de vrouwen die op de tuinen werken of
de vrouwen die vis verkopen. Moeilijkheid daarbij is dat het lastig
is regelmatig geld in te zamelen omdat deze vrouwengroepen veel meer
verspreid over het dorp en omgeving aan het werk zijn. Maar
strijdbaar als ze is, wil ze er iets op vinden om het toch mogelijk
te maken. Op de vraag wat ze inde toekomst van Agro Casa verwacht,
geeft zij aan dat aandacht voor de tuinen van groot belang zal
blijven. Nog altijd is deze vorm van voedselproductie kleiner dan de
vraag. Als Lamine Diabang opmerkt dat de zorg voor de hygiëne op de
markt beter kan, bijvoorbeeld producten niet in de zon en zeker niet
op de grond, is Kady het daar volledig mee eens. Misschien is er op
dit terrein samenwerking met de medische post in het dorp mogelijk.
E.B en G.K., Abéné, donderdag 27 maart 2008.
|