NIEUWSBRIEF
Nieuwsbrief nummer 7, december 2007
onder redactie van Peter Visser
De stichting Agro Casa richt zich op plattelandsontwikkeling
(inmiddels bijna 10 jaar) in de Casamance, een gebied in Zuid-Senegal. De activiteiten
concentreren zich vooral aan de Atlantische kust, hemelsbreed zo’n 20 km
onder de grens met Gambia.
Doel van de Stichting is het
bereiken van een situatie waarin de partner-organisaties in de Casamance
geheel zelfstandig verder kunnen. Daarnaast zijn ze ook in staat om leiding
en uitvoering te geven aan de activiteiten die nodig zijn voor de
ontwikkeling van de regio zoals omschreven in onze missie. De rol van Agro
Casa komt dan meer op de achtergrond. Agro Casa staat uiteraard open voor
nieuwe initiatieven.
De bijdrage
van Agro Casa is met name gericht op kennisoverdracht en de toepassing
daarvan in de praktijk. Dit is misschien wel de belangrijkste vorm van "
duurzaamheid". Volgorde: Idee, plan, actie, evaluatie.
Onderwijs en rurale ontwikkelingen
Eel Bosma, de nieuwe secretaris van
het bestuur, bezocht in november voor de eerste keer het gebied samen met
coördinator Gerrit Koeslag. Het bezoek was vooral gericht op onderwijs en rurale
ontwikkelingen. Eel aan het woord:
“We hebben de
verkenning afgerond naar de mogelijkheid om een praktische tuinbouw-opleiding te
starten voor kansarme school-verlaters. Vaak zijn dit leerlingen waarvan de
ouders geen geld hebben om hun kinderen naar het voortgezet onderwijs te laten
gaan in een groter dorp op zo’n 10 km afstand. Het uitgewerkte plan wordt door
de Senegalese partners binnenkort ingediend. Als alles goed gaat, kan deze
opleiding hopelijk in september 2008 starten.
Met het
schoolbestuur hebben we de verbeter-plannen van de kleuter- en basisschool
besproken. Het verzoek is ontvangen om het nog beschikbare budget in te zetten
voor de bouw van 2 nieuwe lokalen van de basisschool. Het schoolbestuur wil de
kleuterschool naar een andere locatie overbrengen. We hebben over-gebracht dat
Agro Casa de lopende verplichtingen afmaakt maar de specifieke aandacht voor het
basisonderwijs als min of meer afgerond beschouwt. Verder dat Agro Casa in
voorkomende gevallen wel bereid is als een intermediair op te treden naar andere
mogelijke Nederlandse donoren.
Met de
plaatselijke verantwoordelijke personen hebben we de lopende ontwikkelingen van
de bank (CREC), de boerenorganisatie (UPAC), de GIE UMUKUTA (demonstratiestal
varkens-houderij) en de situatie op de voorbeeldtuinen geëvalueerd. De in het
verleden gemaakte afspraken met UPAC en CREC zijn voorzover nodig opgepoetst en
voor de toekomst zijn er nieuwe ideeën gelanceerd en besproken.
Aan de
plaatselijke besturen en comités hebben we de nieuwe opzet/structuur van Agro
Casa uitgelegd en de daarbij behorende planmatige aanpak van werkzaamheden en de
strikte financiële budgetteringen.
Dit was in korte bewoordingen de
inhoud van ons intensieve bezoek. Uiteraard merk je heel duidelijk
cultuurverschillen in tempo, aanpak en denkwijze. Ik merkte dat bijvoorbeeld bij
de tuinen die nog niet functioneren, deels omdat het regenseizoen in
tegenstelling tot vorig jaar heel matig was maar er zou ook wel eens te weinig
draagvlak voor kunnen zijn. Niettemin heb ik een goed gevoel over wat ik
allemaal heb gezien en ervaren. Het is vooral een kwestie van ‘de aanhouder
wint’ en ‘frapper toujours’. Je kunt in de gesprekken met de leidende figuren
merken dat ze een veel bredere scope hebben dan je gewoonlijk in Afrika
aantreft. Dat zal zeker mede te danken zijn aan de activiteiten van Agro Casa in
de afgelopen jaren.”
Gerrit:
“Tijdens ons bezoek heb ik weer een stukje (bedrijfseconomische) opleiding
verzorgd van de voorlichters voor de agrarische sector (‘Formation des
formateurs’). Een vervolg op een eerder dit jaar gegeven opleiding door Gerard
Stout.
Ik heb ook
gevraagd naar de individuele ervaringen van de bestuurs– en commissieleden met
de 2e training ‘Planification, Suivi et Évaluation’ [PSE] door Marinus Stehouwer.
Ze geven vooral aan dat het instrueren van deze methode op bedrijfsniveau door
veel leden van de UPAC als zeer behulpzaam en verhelderend wordt ervaren. Door
een goede planning blijkt in veel gevallen dat de benodigde fondsen lager
uitvallen dan in eerste instantie gedacht. In de cursus hebben we de ‘format’
van een krediet-aanvraag behandeld en die voor een voorbeeld-situatie
uitgewerkt. De deelnemers moesten het bijbehorende investeringsplan,
financieringsplan en de balans voor en na de investering opstellen. Dat was nog
niet zo’n makkelijke opgave. Verder hebben we de financiële parameters
liquiditeit en solvabiliteit besproken. Er zit vooruitgang in de groep”.
Sanitatie Als je door het dorp Abéné loopt zie
je op veel plaatsen afvalwaterstromen van de familie-erven onder de
afras-teringen door de openbare weg op lopen. Bij de waterputten staan plassen
water door het wassen van kleding.
Toiletten bestaan uit een diep gat in de grond met daarboven een
hurkgat. |
|
|
Gerrit voor de klas |
Een onhygiënische en gevaarlijke situatie en
daarnaast een risico van vervuiling van de waterputten en een bron van ziektes.
Door de verbetering van de drinkwatervoorziening neemt het verbruik van water
toe en ten gevolge hiervan ook het afvalwaterprobleem. Afvalwater waarvoor nog
geen opvang- en verwerkingsmogelijkheid beschikbaar is.
Henk Smink: “Begin 2007 is door het
bezoeken van een aantal families de bestaande situatie van de sanitaire
voorzieningen en het afval-waterprobleem in beeld gebracht. Hierbij is een goed
overzicht ontstaan over het waterverbruik en inzicht in maatschappelijk
acceptabele en haalbare oplossingen. In de gesprekken met de lokale bevolking
zijn de doelstellingen voor het verbeteren van de sanitaire voorzieningen en het
terugdringen van het afvalwaterprobleem nadrukkelijk besproken:
Plassen afvalwater zijn
broedplaatsen voor vele ziektekiemen.
Infiltratie in de bodem geeft besmettingsrisico’s van de waterputten.
Verbetering van het systeem moet leiden tot maximaal hergebruik en nuttige toepassing van de
menselijke uitwerpselen en het afvalwater.
In het verloop van 2007 hebben we
een pilot uitgewerkt voor een gecombineerde toilet- en badruimte welke volledig
beantwoordt aan de hiervoor vermelde doelstellingen. Deze pilot wordt besproken
en zonodig aangepast aan de wensen van de toekomstige gebruikers. We zijn van
plan om in de loop van 2008 de eerste toilet- en badruimte op een familie erf te
realiseren.”
|
Drinkwater
Na 4 jaar werken aan een betere
drinkwatervoorziening is tijdens de missie dit najaar een mijlpaal bereikt.
Meer
dan 80% van de huishoudens in Abéné is nu voorzien van een functionerende kraan
op het erf. De kwaliteit van het drinkwater is door het geïnstalleerde filter
van uitstekende kwaliteit.
Jacques van Paassen, leider van de
missie: |
 |
| Familie erf |
“De blijdschap van het dorp was zo
groot dat spontaan een groot feest werd gevierd met djembemuziek, dans en
toespraken van alle mensen die er toe doen en voor het afscheidsdiner met het
watercomité werd een geit geslacht.”

In 2003 verkeerde de
drinkwatervoorziening nog in een deplorabele staat. Vijftien jaar daarvoor had
de overheid in tientallen dorpen in Senegal een standaard drinkwatervoorziening
geplaatst. Deze bestond uit een waterput met pomp en generator, een watertoren
en een klein distributie-net naar enkele centrale tappunten in het dorp. Door
het ontbreken van enige nazorg waren alle installaties binnen enkele maanden
weer buiten bedrijf en kwam er geen druppel water meer uit de kraan. De bewoners
waren opnieuw aangewezen op hun open put op het erf, waaruit het water weer met
een emmer naar boven werd gehaald.
Jacques: “Zo was de situatie dus
toen Casper en ik een plan bedachten om de mensen in Abéné en de nabij gelegen
dorpen van veilig drinkwater te voorzien. We namen contact op met het
watercomité dat ver-antwoordelijk was voor de drinkwater-voorziening, stelden
een plan op voor het herstel en bespraken
|
door de voorwaarden voor samenwerking. De belangrijkste voorwaarde was dat voor
elke druppel drinkwater die geleverd wordt ook betaald moet worden de afnemer.
Een grote verandering voor het dorp, maar het comité was al snel overtuigd van
de noodzaak hiervan voor een duurzame drinkwatervoorziening.
Samen met collega’s
van het drinkwaterbedrijf Vitens hebben we eerst de bestaande installatie
hersteld, door het vervangen van de pomp en generator en het realiseren van de
eerste erfaansluitingen. |
|
|
| Wateraansluiting
op erf |
Eind 2004 kwam er weer water uit de kranen van de
openbare tappunten en van de aangesloten erven. Net op tijd, want in een groot
deel van het dorp stonden op dat moment de putten al droog. In de jaren daarop
is veel aandacht besteed aan het opleiden van het watercomité ( tariefbepaling,
innen van watergelden, openen van bankrekening etc.) en van enkele jonge
medewerkers voor leggen van leidingen en maken van erfaansluitingen).
In 2006 is
een grote container vanuit Nederland gestuurd met materialen voor het aansluiten
van 4 dorpen, naast Abéné ook Alberdar, Diana en Colomba, op de bestaande
infra-structuur. Die materialen zijn begin 2007 aangekomen in Abéné en volop
benut tijdens de werkbezoeken in april en november van dit jaar. Zoals al gezegd
heeft dit Magisch filter geresulteerd in een
aansluitpercentage van 80 % in Abéné en ook de dorpen Alberdar en Diana krijgen
al op een tweetal centrale tappunten drinkwater uit Abéné. In 4 jaar is al veel
bereikt, maar er moet nog veel gebeuren voordat het watercomité zelfstandig is.
De komende jaren zal nog meer aandacht gegeven worden aan het opleiden van
mensen en in 2008 ook in samenhang met sanitatie. Een nieuwe stap naar een
veilige en gezonde samenleving.”
|
Landbouw Het weer.
Berichten over grote hoeveelheden neerslag in West Afrika golden niet voor de
Casamance. Integendeel, het was een veel te droog regenseizoen. De “hivernage”
[regentijd] heeft nauwelijks regen gebracht en dat impliceert dat weinig of geen
rijst is geplant en dat de oogstverwachtingen van de mais-, sorghum en millet
zeer getemperd zijn.
Relatief gunstig is dat op de laagst gelegen gronden daardoor wel
groente geteeld kon worden wat andere jaren onmogelijk is. |
|
 |
| Magisch filter |
Maar het weer zal zeker een terugslag hebben op de inkomenspositie dit jaar.
Varkens. De
plannen voor een proefstal door GIE Umukuta zijn in een vergevorderd stadium.
Zodra de financiering is afgerond, kan met de bouw worden begonnen.
Groenteteelt.
Adviseur Sjoerd Hoekstra: “In het proefproject groenteteelt van Agro Casa gaat
het nadrukkelijk ook om mannen in deze bedrijfstak actief te maken.
Voor mannen
was tuinieren een hele cultuuromslag. Het leek beneden hun stand. |
|
 |
| Les in het
klaarmaken van aardappelveldjes |
Niet voor
niets voert de jonge landbouw-organisatie als slogan op hun naamschild ‘Ik ben
trots om boer te zijn’, of in eigen Wolof-taal ’N kontaani ta ka ke doobaati’.
De mannen doen het wel ánders dan de vrouwen. De laatsten weten veel van de
grond en de traditionele teelten zoals uien, tomaten. Ze houden ook vast aan
kleine kweekbedden, rond van vorm. De mannen maken grotere, rechthoekig van vorm
en besparen daarmee grond.
Mannen en vrouwen maken vaker gebruik van de korte
cursussen die hun landbouworganisatie samen met Agro Casa aanbiedt. Lesgeven aan
boeren of boerinnen is altijd een vrolijke bezigheid. Het proefproject krijgt
steeds meer navolging. Er wordt nu ook groente gekweekt na de rijstoogst, [‘Riziére
plus’]. Die velden zijn grootschaliger dan de kleine tuinen vlak bij de
bewoning. Verbreding van de groenteteelt is één van de mogelijkheden om meer uit
de grond en uit markt te halen. Beide bleek mogelijk. Uit de grond, omdat er
veel grond ligt die niet wordt benut. Uit de markt, omdat toch nog veel
importproducten op de markt liggen. Met inbreng van de kennis van enkele
vrijwilligers zijn veelbelovende proeven gedaan met aardappel en bonen. Die
toegenomen productie blijkt ook goed af te zetten op de dorpsmarkten. Maar ook
wel verder weg, naar de steden.”
Aardappel. “We
gebruikten geschikte rassen voor Afrikaanse omstandigheden. Ook het ras ‘Baraka’
was daarbij. Bij de les over aardappelen was er direct herkenning. ‘Baraka’
betekende in de eigen taal zo iets als ‘zegen’. Dat gold ook voor de aardappel.
Het is ook nieuwsgierig om aan de weet te komen hoeveel ogen –ze moesten ze
tellen- een aardappel heeft en ook hoeveel er uitlopen in de aarde.
Hoe voedzaam
ze zijn. Maar vooral hoe je ze poot en bemest en verzorgt. De eerste keer werd
een kweekveld aangelegd met de aardappel op ruggen en een kweekveld met
aardappelen die met een pootstok werden gepoot. Bij de eerste werd het water
geven door het tussen de ruggen te laten lopen. Bij de andere door net zoals bij
de uien ‘plas en dras’ te begieten. Bij beide ging het niet zo goed. Bij de
ruggen waren de knollen te hoog gelegd en konden de wortels het water niet goed
bereiken. Bij de andere bleken de aardappelen voor een deel
‘verdronken’.
Als iets mislukt doet de Europeaan het nog eens over. Voor de Afrikaan is dat
lastiger. Hij gaat liever iets anders doen. Het bijzondere was echter dat de
kilo’s die wel geoogst werden een heel hoge prijs opbrachten. Dus wilden ze het
nog eens over doen. Opnieuw werden veldjes aangelegd. Nu alleen ruggen met de
aardappelen dieper weggelegd. De zavelachtige riviergrond leent zich er goed
toe. We hadden nu ook vooraf met hen de compost met grond gemengd. De meetstok
kwam er opnieuw bij, nu om ook te meten hoe hoog het water in de geulen zou
staan en waar de aardappel dan moest liggen. Op hoop van zegen gingen de knollen
opnieuw de grond in, op een drietal tuinen. Ditmaal was ook de oogst goed en ook weer de
prijs.
Een van hen
vertelde dat hij dit jaar een grotere oppervlakte wilde telen. Hij had ook een
importfirma in Dakar ontdekt, waar de Nederlandse en Franse pootaardappel te
koop is, en twee zakken gekocht. Een enorme investering. Even veel als een heel
maandloon.
Zo verandert het beeld in een proces
van jaren: iets meer mogelijkheden, iets meer hoop, iets meer durf, iets meer
kennis. De aardappel is daar een voorbeeld van. De agrarische sector heeft de
sleutel voor ontwikkeling, zo was het bij ons, zo is het daar. Je mag er trots
op zijn het landbouwvak uit te oefenen.”
Haricot vert.
Sjoerd: “Groene sperziebonen doen het daar goed en zijn ook niet onbekend. Maar
er was weinig vraag naar op de markt. Westerse restaurants hadden wel
belangstelling, mits de kwaliteit goed was. En daar ontbrak het aan. Daarom
werden enkele grotere veldjes opgezet en werd door de landbouworganisatie
instructie gevraagd over dit gewas. Een nieuwe oogst ging de markt op, nu echt
vers. Meevaller was dat naast restaurants, nu ook op de plaatselijke markten
belangstelling was. En de prijs was goed.
Het aardige is
dat men als voorwaarde voor een lening, nu ook bij gaat houden wat de
opbrengsten en de kosten zijn geweest. Dat zal nog wel meer hoofdbrekens kosten
dan de teelt zelf.”
|
Steun Veel
vrijwilligers van Agro Casa en giften van particulieren en bedrijven maken het
mogelijk, in combinatie met medefinancieringsorganisaties als Impulsis
|
|
 |
[ICCO,
Kerk in Actie, Edukans], Wilde Ganzen, Alfa Omega, Rabo-Foundation, om het
activiteitenplan te realiseren. Hartelijk dank daarvoor. Hoe meer schouders
eronder hoe meer de leefomstandigheden en het toekomstperspectief van de
bevolking in dit deel van de Casamance kunnen verbeteren.
Na
een periode van intensief contact is met Impulsis [samen-werkings-verband van
ICCO, Kerk in Actie, Edukans] een financieringsovereenkomst afgesloten waardoor
een belangrijk deel van het Activiteitenplan 2007/2008 kan worden uitgevoerd.
Deze opzet binnen de ‘format’ van Impulsis heeft ten doel de (financiële)
relatie met Impulsis inzichtelijk en overzichtelijk te laten verlopen. Enerzijds
betekent dit dat we vroegtijdig weten waar we op kunnen rekenen, anderzijds
verplicht het discipline, met name de financiële huishouding en verantwoording,
binnen geheel Agro Casa. Een stap vooruit.
Bestuurlijke veranderingen
Het bestuur van
Agro Casa wordt thans gevormd door Hylke van Dijk, voorzitter, Eel Bosma,
secretaris & commissie Onderwijs, Sybren Miedema, penningmeester & commissie
Rurale Ondernemingen en Kredietverlening, Kobus Walsma, commissie Water,
Sanitatie en Energie, Peter Visser, PR en communicatie.
Het bestuur
wordt bijgestaan door enkele coördinatoren en adviseurs. Voor de verschillende
aandachtsgebieden functioneren commissies onder voorzitterschap van het
betreffende bestuurslid.
Website & Nieuwsbrief
Het bestuur heeft besloten om de website opnieuw op te zetten en te borgen
dat die ook actueel blijft. De nieuwsbrief zal daarin worden geïntegreerd.
Kent u andere
belangstellenden voor de nieuwsbrief en de activiteiten van Agro Casa? Namen en
[email]adressen zijn welkom. Aanmelden
|