AGRO CASA
CASAMANCE
PROJECTEN
PORTRETTEN
FOTOGALERIJ

NIEUWS
JAARVERSLAG
ARCHIEF
LINKS
CONTACT

SITEMAP

 
Stichting “AGRO CASA”
Ontwikkelingsactiviteiten in de
CASAMANCE  (SENEGAL)

AGRO CASA
secretariaat
De Twee Gebroeders 23
9207 CK Drachten  
Tel:0512 542905
info@agrocasa.nl

 

 

 

NIEUWSBRIEF

Nieuwsbrief nummer 7, december 2007
onder redactie van Peter Visser

De stichting Agro Casa richt zich op plattelandsontwikkeling (inmiddels bijna 10 jaar) in de Casamance, een gebied in Zuid-Senegal. De activiteiten concentreren zich vooral aan de Atlantische kust, hemelsbreed zo’n 20 km onder de grens met Gambia.

Doel van de Stichting is het bereiken van een situatie waarin de partner-organisaties in de Casamance geheel zelfstandig verder kunnen. Daarnaast zijn ze ook in staat om leiding en uitvoering te geven aan de activiteiten die nodig zijn voor de ontwikkeling van de regio zoals omschreven in onze missie. De rol van Agro Casa komt dan meer op de achtergrond. Agro Casa staat uiteraard open voor nieuwe initiatieven.

De bijdrage van Agro Casa is met name gericht op kennisoverdracht en de toepassing daarvan in de praktijk. Dit is misschien wel de belangrijkste vorm van " duurzaamheid". Volgorde: Idee, plan, actie, evaluatie.



Onderwijs en rurale ontwikkelingen

Eel Bosma, de nieuwe secretaris van het bestuur, bezocht in november voor de eerste keer het gebied samen met coördinator Gerrit Koeslag. Het bezoek was vooral gericht op onderwijs en rurale ontwikkelingen. Eel aan het woord:

“We hebben de verkenning afgerond naar de mogelijkheid om een praktische tuinbouw-opleiding te starten voor kansarme school-verlaters. Vaak zijn dit leerlingen waarvan de ouders geen geld hebben om hun kinderen naar het voortgezet onderwijs te laten gaan in een groter dorp op zo’n 10 km afstand. Het uitgewerkte plan wordt door de Senegalese partners binnenkort ingediend. Als alles goed gaat, kan deze opleiding hopelijk in september 2008 starten.

Met het schoolbestuur hebben we de verbeter-plannen van de kleuter- en basisschool besproken. Het verzoek is ontvangen om het nog beschikbare budget in te zetten voor de bouw van 2 nieuwe lokalen van de basisschool. Het schoolbestuur wil de kleuterschool naar een andere locatie overbrengen. We hebben over-gebracht dat Agro Casa de lopende verplichtingen afmaakt maar de specifieke aandacht voor het basisonderwijs als min of meer afgerond beschouwt. Verder dat Agro Casa in voorkomende gevallen wel bereid is als een intermediair op te treden naar andere mogelijke Nederlandse donoren.

Met de plaatselijke verantwoordelijke personen hebben we de lopende ontwikkelingen van de bank (CREC), de boerenorganisatie (UPAC), de GIE UMUKUTA (demonstratiestal varkens-houderij) en de situatie op de voorbeeldtuinen geëvalueerd. De in het verleden gemaakte afspraken met UPAC en CREC zijn voorzover nodig opgepoetst en voor de toekomst zijn er nieuwe ideeën gelanceerd en besproken.

Aan de plaatselijke besturen en comités hebben we de nieuwe opzet/structuur van Agro Casa uitgelegd en de daarbij behorende planmatige aanpak van werkzaamheden en de strikte financiële budgetteringen.

Dit was in korte bewoordingen de inhoud van ons intensieve bezoek. Uiteraard merk je heel duidelijk cultuurverschillen in tempo, aanpak en denkwijze. Ik merkte dat bijvoorbeeld bij de tuinen die nog niet functioneren, deels omdat het regenseizoen in tegenstelling tot vorig jaar heel matig was maar er zou ook wel eens te weinig draagvlak voor kunnen zijn. Niettemin heb ik een goed gevoel over wat ik allemaal heb gezien en ervaren. Het is vooral een kwestie van ‘de aanhouder wint’ en ‘frapper toujours’. Je kunt in de gesprekken met de leidende figuren merken dat ze een veel bredere scope hebben dan je gewoonlijk in Afrika aantreft. Dat zal zeker mede te danken zijn aan de activiteiten van Agro Casa in de afgelopen jaren.”

Gerrit: “Tijdens ons bezoek heb ik weer een stukje (bedrijfseconomische) opleiding verzorgd van de voorlichters voor de agrarische sector (‘Formation des formateurs’). Een vervolg op een eerder dit jaar gegeven opleiding door Gerard Stout.

Ik heb ook gevraagd naar de individuele ervaringen van de bestuurs– en commissieleden met de 2e training ‘Planification, Suivi et Évaluation’ [PSE] door Marinus Stehouwer. Ze geven vooral aan dat het instrueren van deze methode op bedrijfsniveau door veel leden van de UPAC als zeer behulpzaam en verhelderend wordt ervaren. Door een goede planning blijkt in veel gevallen dat de benodigde fondsen lager uitvallen dan in eerste instantie gedacht. In de cursus hebben we de ‘format’ van een krediet-aanvraag behandeld en die voor een voorbeeld-situatie uitgewerkt. De deelnemers moesten het bijbehorende investeringsplan, financieringsplan en de balans voor en na de investering opstellen. Dat was nog niet zo’n makkelijke opgave. Verder hebben we de financiële parameters liquiditeit en solvabiliteit besproken. Er zit vooruitgang in de groep”.


Sanitatie

Als je door het dorp Abéné loopt zie je op veel plaatsen afvalwaterstromen van de familie-erven onder de afras-teringen door de openbare weg op lopen. Bij de waterputten staan plassen water door het wassen van kleding.

Toiletten bestaan uit een diep gat in de grond met daarboven een hurkgat.

      
Gerrit voor de klas

Een onhygiënische en gevaarlijke situatie en daarnaast een risico van vervuiling van de waterputten en een bron van ziektes. Door de verbetering van de drinkwatervoorziening neemt het verbruik van water toe en ten gevolge hiervan ook het afvalwaterprobleem. Afvalwater waarvoor nog geen opvang- en verwerkingsmogelijkheid beschikbaar is.

Henk Smink: “Begin 2007 is door het bezoeken van een aantal families de bestaande situatie van de sanitaire voorzieningen en het afval-waterprobleem in beeld gebracht. Hierbij is een goed overzicht ontstaan over het waterverbruik en inzicht in maatschappelijk acceptabele en haalbare oplossingen. In de gesprekken met de lokale bevolking zijn de doelstellingen voor het verbeteren van de sanitaire voorzieningen en het terugdringen van het afvalwaterprobleem nadrukkelijk besproken:

Plassen afvalwater zijn broedplaatsen voor vele ziektekiemen.
Infiltratie in de bodem geeft besmettingsrisico’s van de waterputten.
Verbetering van het systeem moet leiden tot maximaal hergebruik en nuttige toepassing van de  menselijke uitwerpselen en het afvalwater.

In het verloop van 2007 hebben we een pilot uitgewerkt voor een gecombineerde toilet- en badruimte welke volledig beantwoordt aan de  hiervoor vermelde doelstellingen. Deze pilot wordt besproken en zonodig aangepast aan de wensen van de toekomstige gebruikers. We zijn van plan om in de loop van 2008 de eerste toilet- en badruimte op een familie erf te realiseren.”


Drinkwater  

Na 4 jaar werken aan een betere drinkwatervoorziening is tijdens de missie dit najaar een mijlpaal bereikt.

Meer dan 80% van de huishoudens in Abéné is nu voorzien van een functionerende kraan op het erf. De kwaliteit van het drinkwater is door het geïnstalleerde filter van uitstekende kwaliteit.

Jacques van Paassen, leider van de missie:

Familie erf

“De blijdschap van het dorp was zo groot dat spontaan een groot feest werd gevierd met djembemuziek, dans en toespraken van alle mensen die er toe doen en voor het afscheidsdiner met het watercomité werd een geit geslacht.”

In 2003 verkeerde de drinkwatervoorziening nog in een deplorabele staat. Vijftien jaar daarvoor had de overheid in tientallen dorpen in Senegal een standaard drinkwatervoorziening geplaatst. Deze bestond uit een waterput met pomp en generator, een watertoren en een klein distributie-net naar enkele centrale tappunten in het dorp. Door het ontbreken van enige nazorg waren alle installaties binnen enkele maanden weer buiten bedrijf en kwam er geen druppel water meer uit de kraan. De bewoners waren opnieuw aangewezen op hun open put op het erf, waaruit het water weer met een emmer naar boven werd gehaald.

Jacques: “Zo was de situatie dus toen Casper en ik een plan bedachten om de mensen in Abéné en de nabij gelegen dorpen van veilig drinkwater te voorzien. We namen contact op met het watercomité dat ver-antwoordelijk was voor de drinkwater-voorziening, stelden een plan op voor het herstel en bespraken 

door de voorwaarden voor samenwerking. De belangrijkste voorwaarde was dat voor elke druppel drinkwater die geleverd wordt ook betaald moet worden de afnemer.

Een grote verandering voor het dorp, maar het comité was al snel overtuigd van de noodzaak hiervan voor een duurzame drinkwatervoorziening.

Samen met collega’s van het drinkwaterbedrijf Vitens hebben we eerst de bestaande installatie hersteld, door het vervangen van de pomp en generator en het realiseren van de eerste erfaansluitingen.

   
 Wateraansluiting op erf

Eind 2004 kwam er weer water uit de kranen van de openbare tappunten en van de aangesloten erven. Net op tijd, want in een groot deel van het dorp stonden op dat moment de putten al droog. In de jaren daarop is veel aandacht besteed aan het opleiden van het watercomité ( tariefbepaling, innen van watergelden, openen van bankrekening etc.) en van enkele jonge medewerkers voor leggen van leidingen en maken van erfaansluitingen).

In 2006 is een grote container vanuit Nederland gestuurd met materialen voor het aansluiten van 4 dorpen, naast Abéné ook Alberdar, Diana en Colomba, op de bestaande infra-structuur. Die materialen zijn begin 2007 aangekomen in Abéné en volop benut tijdens de werkbezoeken in april en november van dit jaar. Zoals al gezegd heeft dit Magisch filter geresulteerd in een aansluitpercentage van 80 % in Abéné en ook de dorpen Alberdar en Diana krijgen al op een tweetal centrale tappunten drinkwater uit Abéné. In 4 jaar is al veel bereikt, maar er moet nog veel gebeuren voordat het watercomité zelfstandig is. De komende jaren zal nog meer aandacht gegeven worden aan het opleiden van mensen en in 2008 ook in samenhang met sanitatie. Een nieuwe stap naar een veilige en gezonde samenleving.”


Landbouw

Het weer. Berichten over grote hoeveelheden neerslag in West Afrika golden niet voor de Casamance. Integendeel, het was een veel te droog regenseizoen. De “hivernage” [regentijd] heeft nauwelijks regen gebracht en dat impliceert dat weinig of geen rijst is geplant en dat de oogstverwachtingen van de mais-, sorghum en millet zeer getemperd zijn.

Relatief gunstig is dat op de laagst gelegen gronden daardoor wel groente geteeld kon worden wat andere jaren onmogelijk is.

 
Magisch filter

Maar het weer zal zeker een terugslag hebben op de inkomenspositie dit jaar.

Varkens. De plannen voor een proefstal door GIE Umukuta zijn in een vergevorderd stadium. Zodra de financiering is afgerond, kan met de bouw worden begonnen.


Groenteteelt.

Adviseur Sjoerd Hoekstra: “In het proefproject groenteteelt van Agro Casa gaat het nadrukkelijk ook om mannen in deze bedrijfstak actief te maken.

Voor mannen was tuinieren een hele cultuuromslag. Het leek beneden hun stand.

 
Les in het klaarmaken van aardappelveldjes

Niet voor niets voert de jonge landbouw-organisatie als slogan op hun naamschild ‘Ik ben trots om boer te zijn’, of in eigen Wolof-taal ’N kontaani ta ka ke doobaati’. De mannen doen het wel ánders dan de vrouwen. De laatsten weten veel van de grond en de traditionele teelten zoals uien, tomaten. Ze houden ook vast aan kleine kweekbedden, rond van vorm. De mannen maken grotere, rechthoekig van vorm en besparen daarmee grond.

Mannen en vrouwen maken vaker gebruik van de korte cursussen die hun landbouworganisatie samen met Agro Casa aanbiedt. Lesgeven aan boeren of boerinnen is altijd een vrolijke bezigheid. Het proefproject krijgt steeds meer navolging. Er wordt nu ook groente gekweekt na de rijstoogst, [‘Riziére plus’]. Die velden zijn grootschaliger dan de kleine tuinen vlak bij de bewoning. Verbreding van de groenteteelt is één van de mogelijkheden om meer uit de grond en uit markt te halen. Beide bleek mogelijk. Uit de grond, omdat er veel grond ligt die niet wordt benut. Uit de markt, omdat toch nog veel importproducten op de markt liggen. Met inbreng van de kennis van enkele vrijwilligers zijn veelbelovende proeven gedaan met aardappel en bonen. Die toegenomen productie blijkt ook goed af te zetten op de dorpsmarkten. Maar ook wel verder weg, naar de steden.”


Aardappel. “We gebruikten geschikte rassen voor Afrikaanse omstandigheden. Ook het ras ‘Baraka’ was daarbij. Bij de les over aardappelen was er direct herkenning. ‘Baraka’ betekende in de eigen taal zo iets als ‘zegen’. Dat gold ook voor de aardappel. Het is ook nieuwsgierig om aan de weet te komen hoeveel ogen –ze moesten ze tellen- een aardappel heeft en ook hoeveel er uitlopen in de aarde.

Hoe voedzaam ze zijn. Maar vooral hoe je ze poot en bemest en verzorgt. De eerste keer werd een kweekveld aangelegd met de aardappel op ruggen en een kweekveld met aardappelen die met een pootstok werden gepoot. Bij de eerste werd het water geven door het tussen de ruggen te laten lopen. Bij de andere door net zoals bij de uien ‘plas en dras’ te begieten. Bij beide ging het niet zo goed. Bij de ruggen waren de knollen te hoog gelegd en konden de wortels het water niet goed bereiken. Bij de andere bleken de aardappelen voor een deel ‘verdronken’.            

Als iets mislukt doet de Europeaan het nog eens over. Voor de Afrikaan is dat lastiger. Hij gaat liever iets anders doen. Het bijzondere was echter dat de kilo’s die wel geoogst werden een heel hoge prijs opbrachten. Dus wilden ze het nog eens over doen. Opnieuw werden veldjes aangelegd. Nu alleen ruggen met de aardappelen dieper weggelegd. De zavelachtige riviergrond leent zich er goed toe. We hadden nu ook vooraf met hen de compost met grond gemengd. De meetstok kwam er opnieuw bij, nu om ook te meten hoe hoog het water in de geulen zou staan en waar de aardappel dan moest liggen. Op hoop van zegen gingen de knollen opnieuw de grond in, op een drietal tuinen. Ditmaal was ook de oogst goed en ook weer de prijs. 

Een van hen vertelde dat hij dit jaar een grotere oppervlakte wilde telen. Hij had ook een importfirma in Dakar ontdekt, waar de Nederlandse en Franse pootaardappel te koop is, en twee zakken gekocht. Een enorme investering. Even veel als een heel maandloon.

Zo verandert het beeld in een proces van jaren: iets meer mogelijkheden, iets meer hoop, iets meer durf, iets meer kennis. De aardappel is daar een voorbeeld van. De agrarische sector heeft de sleutel voor ontwikkeling, zo was het bij ons, zo is het daar. Je mag er trots op zijn het landbouwvak uit te oefenen.”

Haricot vert. Sjoerd: “Groene sperziebonen doen het daar goed en zijn ook niet onbekend. Maar er was weinig vraag naar op de markt. Westerse restaurants hadden wel belangstelling, mits de kwaliteit goed was. En daar ontbrak het aan. Daarom werden enkele grotere veldjes opgezet en werd door de landbouworganisatie instructie gevraagd over dit gewas. Een nieuwe oogst ging de markt op, nu echt vers. Meevaller was dat naast restaurants, nu ook op de plaatselijke markten belangstelling was. En de prijs was goed.

Het aardige is dat men als voorwaarde voor een lening, nu ook bij gaat houden wat de opbrengsten en de kosten zijn geweest. Dat zal nog wel meer hoofdbrekens kosten dan de teelt zelf.”


Steun

Veel vrijwilligers van Agro Casa en giften van particulieren en bedrijven maken het mogelijk, in combinatie met medefinancieringsorganisaties als Impulsis

 

[ICCO, Kerk in Actie, Edukans], Wilde Ganzen, Alfa Omega, Rabo-Foundation, om het activiteitenplan te realiseren. Hartelijk dank daarvoor. Hoe meer schouders eronder hoe meer de leefomstandigheden en het toekomstperspectief van de bevolking in dit deel van de Casamance kunnen verbeteren.

Na een periode van intensief contact is met Impulsis [samen-werkings-verband van ICCO, Kerk in Actie, Edukans] een financieringsovereenkomst afgesloten waardoor een belangrijk deel van het Activiteitenplan 2007/2008 kan worden uitgevoerd. Deze opzet binnen de ‘format’ van Impulsis heeft ten doel de (financiële) relatie met Impulsis inzichtelijk en overzichtelijk te laten verlopen. Enerzijds betekent dit dat we vroegtijdig weten waar we op kunnen rekenen, anderzijds verplicht het discipline, met name de financiële huishouding en verantwoording, binnen geheel Agro Casa. Een stap vooruit.
 


Bestuurlijke veranderingen

Het bestuur van Agro Casa wordt thans gevormd door Hylke van Dijk, voorzitter, Eel Bosma, secretaris & commissie Onderwijs, Sybren Miedema, penningmeester & commissie Rurale Ondernemingen en Kredietverlening, Kobus Walsma, commissie Water, Sanitatie en Energie, Peter Visser, PR en communicatie.

Het bestuur wordt bijgestaan door enkele coördinatoren en adviseurs. Voor de verschillende aandachtsgebieden functioneren commissies onder voorzitterschap van het betreffende bestuurslid.

Website & Nieuwsbrief

Het bestuur heeft besloten om de website opnieuw op te zetten en te borgen dat die ook actueel blijft. De nieuwsbrief zal daarin worden geïntegreerd.

Kent u andere belangstellenden voor de nieuwsbrief en de activiteiten van Agro Casa? Namen en [email]adressen zijn welkom. Aanmelden

 

 

 

 © copyright 2007 Plattelandsontwikkeling in de Casamance

design 20-06-2009